Het wrak van de U-106

In oktober 2009 lokaliseerde het onderzoeksvaartuig HMS SNELLIUS een niet geidentificeerd objekt in de Shipping Lanes. Twee maanden later werd hier een onderzoek gedaan met HMS MAASSLUIS. Met een ROV die eigenlijk bestemd was om mijnen te lokaliseren werd ontdekt dat het om een wrak ging. Deze ontdekking had tot gevolg dat hierna verschillende missies werden ondernomen met HMS REMUS 100 zowel met duikers van de Marine en van de EOD. De duikers ontdekten dat het om een onderzeeboot ging en zij vonden een zuurstofcilinder met daarop een bronzen plaat die uiteindelijk de identificatie gaf dat het om de U-106 ging, welke verdwenen was tijdens de Eerste Wereldoorlog. Deze vondsten gebeuren altijd door toeval, zei expiditieleider Kapitein-Luitenant Jouke Spoelstra. ''Twaalf jaar geleden heeft een hydrografisch schip hetzelfde gebied onderzocht en vermoedelijk zat het wrak toen onder het zand. We hadden het geluk dat we op de juiste plaats waren op het juiste moment."

De U-106 was een van de 329 onderzeeboten die dienden in de Kaiserliche Marine tijdens de Eerste Wereldoorlog. Zij werd op 28 juli 1917 in dienst gesteld onder commando van Kapitein-Luitenant Hans Hufnagel. De U-106 was verantwoordelijk voor het zinken van HMS CONTEST tijdens de eerste "Battle of the Atlantic''  op 18 september 1917 en ook voor het beschadigen van de CITY OF LONDON, een stoomschip van 5867 ton. De U-106 ging ten onder ten noorden van Terschelling doordat het schip op 7 oktober 1917 o een mijn liep. "Het achtergelaten wrak is officieel een oorlogsgraf" voegde Spoelstra er aan toe. "Een herdenkingsceremonie kan op zee plaats vinden maar zal alleen gebeuren op initatief van de nabestaanden."

De U-106 had een 88 mm en een 105 mm dekkanon en had 18 torpedo's aan boord. Het schip had 4 boegtorpedobuizen en 2 hektorpedobuizen.

U-106
ONDERZEEBOOT U-106
DUITS
07-10-1917
40 mijl noord van Terschelling
onderzeeboot
1917
71 m
6 m
946 bruto register ton
Hans Hufnagel
Kaiserliche Marine
Wilhelmshafen
40 meter