Het wrak van de ANSI

Bij een aanvaring tussen het Noorse vrachtschip ANSI en de Liberiaanse tanker ARAGON, is in de nacht van 22 februari 1970 het Noorse schip gezonken. Vijf bemanningsleden kwamen om, alleen kapitein Per Harum werd uit het ijskoude water gered. In de eerste jaren na het zinken is er door duikers van OJC en Manta uit Amsterdam vanuit Vlieland veel op het wrak gedoken en werd veel inventaris meegenomen. Het schip was toen nog redelijk intakt, stond rechtop, de ankers nog in de kluisgaten en in het ruim lagen nog een groot aantal rollen staalplaat. Een deel hiervan werd in 1970 geborgen met behulp van een drijvende bok. Aan stuurboord in de machinekamer was nog duidelijk het grote aanvaringsgat te zien. Hier vonden de duikers van Terschelling de stoffelijke resten van de machinist, een broer van de kapitein. Er werd kontakt gezocht met kapitein Per Harum die verzocht de restanten daar te laten liggen als zeemansgraf. De bronzen schroef was toen al door duikers geborgen. Het achterschip was toen nog goed herkenbaar, alleen de houten  stuurhutopbouw was verdwenen. In 2000 werd er door Ecuador nog eens op gedoken. Het voorschip zat toen al onder het zand en van het achterschip was weinig meer over. Een bewijs dat een schip 25 jaar nodig heeft om geheel in elkaar te storten tot er uiteindelijk slechts een hoop verwrongen overblijft.

In 2008 en 2009 zijn er door het Terschellinger Bergingsbedrijf Friendship BV nog een groot aantal rollen staal geborgen.

 

Op de foto zien we de ANSI toen nog varend onder de naam JOLITA

ANSI
ANSI
NO
22-02-1970
53-24,40N 05-01,60E
COASTER
1947
50 m
10 m
497 bruto register ton
PER HARUM
HARUM
FARSUND
ROLLEN STAALPLAAT
25 meter